Home

Nieuw

Zoeken

Dienstplicht

Onderdelen

Bataafse Vloot

Waterloo

Brieven

Bronnen

Contact

Inschrijving voor de dienstplicht, loting en opkomst in actieve dienst.

Was bij keizerlijk decreet bekend welke jaarklasse (lichting) moest opkomen dan werd per mairie (gemeente) bekend gemaakt wanneer en waar de dienstplichtige zich moest melden voor inschrijving in het Journal du Maire. Daarbij konden de lichaamsgebreken en eventuele rechten op vrijstelling worden opgegeven.

De dienstplichtige behoefde niet in persoon te verschijnen en mocht zich laten vertegenwoordigen bijv. door een ouder of voogd.



Journal du Maire

Mogelijk werden deze journaals in duplo opgemaakt. Een exemplaar bleef dan achter bij de mairie en bevindt zich in het archief van de desbetreffende gemeente. Het andere werd opgezonden naar de Prefecture. Deze stelde daar per mairie een Liste Alphabétique des Conscrits samen en zond deze aan de kantonnale hoofdplaats. Een kanton werd gevormd door een aantal bij elkaar liggende gemeenten (mairies).

De dienstplichtige van de desbetreffende jaarklasse werd opgeroepen zich op de aangegeven plaats en tijd te melden voor loting en keuring.



Getrokken lot.

Het getrokken lot en de uitslag van de keuring werden op de genoemde lijst aangetekend. Mogelijk werd ook deze lijst in duplo opgemaakt waarvan één exemplaar in het archief van de kantonnale hoofdplaats berust en het andere naar de Prefecture werd gezonden.

Van de loting werd een "liste du tirage"gemaakt. Deze is de heer Paasman bij zijn onderzoek niet tegengekomen. Wel vond hij in diverse gemeente-archieven van verschillende jaarklassen een trekkingslijst die waarschijnlijk qua opzet als klad is opgezet.

Liste Alphabétique des Conscrits (buitenkant)

Liste Alphabétique des Conscrits (binnenkant)

Binnen niet al te lange tijd ontving de daarvoor in aanmerking komende dienstplichtige een persoonlijke oproep zich te melden voor opkomst in actieve dienst.

Hij kreeg op kosten van de mairie 2 hemden, 2 paar schoenen, 2 paar sokken, een ransel en een soldij van 9 francs, ongeveer 2,20 euro. Voor zover bekend was de plaats van opkomst steeds hoofdplaats van het departement waarin de woonplaats van de diensplichtige was gelegen.

Daar werden de dienstplichtigen bestemd voor het leger ingedeeld in compagnieën van 100 man die onder geleide van officieren en onderofficieren een tocht van enkele weken ondernamen naar hun legeronderdeel gelegerd in kazernes in of nabij een Franse stad.

Voor een verslag van een dergelijke tocht wordt verwezen naar het verslag van Ente Jacobs de Jong in het onderdeel Brieven.

Oproep van een diensplichtige zich te melden voor actieve dienst in de Franse krijgsmacht.

Tresoar, Leeuwarden